Page content

Oosterse bietensalade met paddestoelen en tahindressing

Oosterse bietensalade met paddestoelen en tahindressing
Bietjes! Ik ben er dol op. Vroeger maakte mijn moeder regelmatig geraspte bietjes met rauwe uitjes en citroensap. Nog steeds lekker, maar ik doe er nu nog veel meer mee! Ik verwerk bietjes in mijn smoothie, in deze delish bietendip, in mijn pancakes, in mijn glutenvrije brownie of in een maaltijdsalade.Dit recept schreef ik voor Vitiv. Vitiv is een biologisch natuurvoedingsmerk en verkoopt ook o.a. supplementen.
De combinatie in dit recept van de zoete bieten, de frisse wortellinten, koriander en de diepe smaak van de champignons is echt genieten! Past heerlijk in deze herfstperiode maar ik kan me voorstellen dat ik ‘m ook heel graag in de lente of zomer eet. Deze salade is weer een bewijs dat vlees niet perse hoeft. De geroosterde noten en de gebakken kastanjechampignons: they do the job.
Bereidingstijd:
40 minuten voor het koken van de rauwe bieten
30 minuten bereiden van de maaltijdsalade
Niveau: makkelijk/gemiddeld
Maaltijdtype: maaltijdsalade – lunchsalade – vegan – glutenvrij
Eten waar je blij van wordt. En gezond. Nou; dit is ‘m hoor! Wat een fijne salade – al zeg ik het zelf!
De tahindressing serveer ik ‘on the side’. Ziet er net wat smakelijker uit. Het oog wil ook wat, en dat verdient deze mooie salade ook.

Wat heb je nodig

Voor twee personen
  • 2 bieten
  • 1 winterpeen
  • 2 el olie om in te bakken
  • 1 limoen
  • 50 gram hazelnoten
  • 8 kastanjechampignons
  • snuf zout
  • snuf peper
  • 1/2 Spaanse peper
  • 8 takjes koriander (of munt voor de korianderhaters)
  • 1 teentje knoflook
  • 6-8 eetlepels gekookte linzen
Voor de dressing:

Aan de slag

  • Kook de bieten in circa 45 minuten gaar
  • Laat de bietjes als ze gaar zijn een beetje afkoelen in koud water, wrijf het vel eraf
  • Snij de bieten in dunne plakken en zet opzij
  • Trek met de kaasschaaf of mandoline lange linten van de winterpeen en meng dit met het sap van een halve limoen in een schaaltje. Zet opzij
  • Rooster de hazelnoten in een hete koekenpan op een medium-laag vuur tot ze lichtbruin kleuren
  • Meng in een kommetje de tahin, de coconutaminos, gemberpoeder, de eetlepels water met een snuf peper
  • Was de koriander, hak de steeltjes fijn en bewaar de blaadjes voor later
  • Hak de knoflook fijn en snij dunne ringetjes van de de Spaanse peper, halveer de champignons
  • Schep 2 eetlepels olie in een hete koekenpan en voeg de kastanjechampignons, snuf zout, de gehakte koriandersteeltjes en de Spaanse peper toe
  • Voeg na ongeveer 3 minuten de knoflook toe, roer goed door
  • Haal het mengsel na 7 minuten van het vuur
  • Meng de korianderblaadjes door de wortellinten

Het opmaken van de borden

Leg de bietenplakjes op de borden en verdeel de linzen erover. Vorm hier bovenop een torentje van de wortellinten met korianderblaadjes. Verdeel vervolgens de kastanjechampignons en hazelnoten over de salade en pers het sap van de andere helft van de limoen erover uit. Serveer de tahindressing in een schaaltje ernaast; dat ziet er nét wat mooier uit dan het erover heen te sprenkelen vind ik zelf.

Gemberpoeder

Als je niet heel regelmatig werkt met verse gember, kan het zijn dat zo’n prachtige wortel ligt te verpieteren op je fruitschaal. Gember wordt dan heel vezelig. Dan is gemberpoeder een duurzame optie! Je kunt gemberpoeder gebruiken in je wokgerechten, een extra kick in je smoothie of een heel klein beetje in je chocolademelk!  Ook in appeltaart, koekjes of muffins geeft gemberpoeder een heerlijke smaak. Gember is onderdeel van speculaas- en koekkruiden. Geweldig toch, dat deze wortel zowel in zoete als hartige gerechten ingezet kan worden!
Gember is een heerlijke smaakmaker maar het heeft ook heilzame eigenschappen. Gember wordt ingezet tegen misselijkheid en ontstekingen en het heeft een positieve werking op je hersenen. Gember helpt  in het stabiliseren van je bloedsuikerspiegel en het werkt ook nog eens als bloedverdunner (wel opletten bij hoge doseringen).
Heel veel plezier bij het maken van dit recept. Heerlijk om mee te nemen naar je werk en ook om je gasten voor te schotelen. Eet smakelijk!

Boekweitpap met peer en walnoten

Boekweitpap met peer en walnoten
Dit recept heb ik voor Vitiv geschreven. Vitiv is een biologisch merk dat natuurvoeding en supplementen verkoopt. En laat ik daar nou net enorme fan van zijn…?!
Niet alleen van havermout maar ook van boekweitgrutten kan je heerlijke pap maken. Boekweit is glutenvrij, de pap vult goed en gedurende een lange tijd kan je er prima op functioneren! Boekweit is geen graan – zoals nog vaak wordt aangenomen – maar een zaadje. Je kunt boekweit heel (gekookt) eten of als grutten als ontbijtpap. Verder worden van boekweitmeel de originele pannenkoeken en poffertjes gebakken en je bakt heerlijke koekjes met boekweitvlokken.
Je kunt deze boekweitpap gewoon in water koken, maar als je voorkeur voor plantaardige melk hebt, dan kan dat natuurlijk ook!

Heerlijke peren uit de tuin van Yoke; zoet en sappig, mmmm!

Op dit ontbijt kan ik de hele ochtend teren: voedzaam en supertasty!

Bereidingstijd: 10 minuten
Niveau: makkelijk

Je hebt nodig

voor één persoon

  • 250 ml water
  • 2,5 á 3 eetlepels boekweitgrutten
  • 1 rijpe peer
  • 5 walnoten
  • 1 el kokosrasp
  • 1/4 tl vanillepoeder of 1 koffielepel vanilleextract
  • optioneel: enkele druppels stevia, bramensaus en/of citroensap

Aan de slag

  • Breng het water met de boekweitgrutten en kokosrasp en vanillepoeder aan de kook. Roer regelmatig door
  • Snij ondertussen de peer in kleine stukjes, maar schil de peer niet. Ik hou van citroen, en om verkleuring te voorkomen mengde ik de peerstukjes met wat citroensap. Het citroensap geeft een lekkere kick aan de smaak. De smaakcombinatie van zoet en zuur  vind ik heerlijk!
  • Na ongeveer 8 tot 10 minuten is je pap gaar
  • Giet de boekweitpap in een ontbijtkom en garneer je pap met de perenstukjes en de walnoot. De bramensaus op de foto is optioneel!
  • De peer en vanille zorgen voor de zoete smaak in je pap. Toch nog behoefte aan zoet? Voeg dan eventueel enkele druppels stevia toe
Ik ben dol op dit ontbijt en ik hoop dat ik jou met dit ontbijtrecept heb geïnspireerd om eens boekweit uit te proberen. Eet smakelijk!

Appelchips maken

Appelchips maken
De appel is toch wel een van de fijnste fruitsoorten vind ik. De appel leent zich voor zoete en hartige gerechten. Laat zich makkelijk meenemen in de tas; altijd fijn als gezond tussendoortje. Lekker in de salade, door de taart, in een stoofgerecht, door de smoothie… De appel groeit met gemak in je tuin en het laat zich prima inmaken. Ik denk dat ik er maar een liedje over ga schrijven. “Was iedereen maar zoals de appel”, of zoiets.

Een appelboom in de tuin? Doen als het kan!

Ik kreeg 15 jaar geleden een kadobon voor een tuincentrum. Nou ja, niet voor een tuincentrum (mocht ik willen); maar van vrienden welteverstaan. Maar… ik kon er dus iets mee aanschaffen in een tuincentrum. Ik was toen nog niet heel fanatiek met moestuinieren bezig, hier en daar een kruidenplantje en wat fruitstruikjes. En een appelboompje leek me ook wel wat. Daar fietste ik dan; bon ingeruild voor een boompje, heel blij met een kleuterformaat appelboom op m’n bagagedrager. Ik bedacht er een mooi plekje voor: midden in het gazonnetje in onze achtertuin. M’n lief had liever gezien dat ‘ie iets minder prominent in het midden werd geplant, maar ik wist het zeker: boompje móet middenin het gras. Achteraf gaf m’n lief me gelijk (heerlijk is dat…); het zag er gezellig uit en paste prima.
Het eerste jaar deed boompje niets, maar dat had ik wel verwacht. Het tweede jaar bloeide boompje voorzichtig. Maar uiteindelijk bleef van die gematigde bloesempracht slechts één appel over als resultaat daarvan. Ik kan me nog goed herinneren dat ik een tuinfeest gaf en het zoontje van vrienden van ons zich nogal tot die ene appel aangetrokken voelde. Hing ook nog eens op kindergrijphandjeshoogte. Ik ben nog nooit zo vaak naar de appelboom gerend als toen. “Mine! Stay off!” Je leert me dus waarschijnlijk pas echt kennen als je me in mijn tuinhabitat ziet.

Appels conserveren

We zijn inmiddels hele hoeveelheden appels verder. En het maken van appelcompote is een van de klusjes die ik ieder jaar uitvoer. Maar omdat ik voor het online platform Oostkoken van het Seasons Magazine een drieluik schrijf, ging ik verder op zoek naar appelconserveertechnieken. Zo heb ik inmiddels appels gefermenteerd; heel leuk, lekker en gezond! En ik ging eindelijk aan de slag  met het drogen van appels. Appelchips; hoewel je dus echt niet aan aardappelchips moet denken.

Appels drogen

Mensen met een dehydrator (een droogoven) zullen dit klusje regelmatig doen. Maar ik heb het ‘gewoon’ in de oven gedaan. Ik ben nogal van de duurzaamheid, en dit is nu niet echt het aller-aller-duurzaamste. Kruiden droog ik bijvoorbeeld gewoon in/aan de lucht; daar komt geen kWh om de hoek kijken. Maar aangezien ik nog geen zonnedroogoven heb, werd het toch de normale oven. Voor een keertje mag dat, vind ik. Ter compensatie de komende week de verwarming een graadje lager – lol.

Appelchips

Ik vind ze verrassend lekker! De chips zijn als ze net uit de oven komen nog een beetje knapperig. Als je ze bewaart in een pot verdwijnt het knapperige natuurlijk wel, maar dan hou je een lekkere chewy bite over. Het zoetzure uit de appel wordt geconcentreerder en het is een lekker tussendoortje waar je best even op kunt kauwen. Een aanradertje dus!
Ze zijn niet helemaal te vergelijken met wat je ook wel eens op de markt of in de winkel koopt. Er is geen suiker of iets anders aan toegevoegd om ze knapperig te maken. Puur natuur; ik hou ervan.
Appelkrulchips! Ze staan prachtig op het schaaltje dat van mijn moeder is geweest.
Waarschuwing: de appelchipjes hebben wel een gevaarlijk hoog dooreetgehalte. Pot snel dicht en opbergen dus!

Je hebt nodig

  • stevige appels (met ca. 7-8 appels vul je twee ovenroosters)
  • een oven en twee ovenroosters
  • shashlickpennen of satéprikkers
  • een mandoline, een schnittfix, een rasp of een hele goeie snijtechniek
  • een appelboor

Aan de slag

  • Boen de appels goed schoon, je hoeft ze niet te schillen
  • Verwijder het klokhuis met de appelboor
  • Snij dunne plakjes van de appels; hoe dunner hoe beter
  • Rijg de plakjes aan de stokjes en hou tussen ieder plakje wat ruimte
  • Zet de hetelucht oven aan op 100 graden
  • Plaats de satéstokjes op het rek en laat de appelschijfjes tussen de roosterdraden vallen *)
  • Plaats een pollepel tussen de oven en de ovendeur; een klein kiertje is voldoende
  • Afhankelijk van de dikte van je schijfjes en de hoeveelheid appelchips zullen ze na 2 uur ongeveer klaar zijn. Check regelmatig
  • Bewaar de appelchips in een afgesloten pot op een donkere koele plaats
  • De houdbaarheid is sowieso enkele dagen maar hangt ook af van hoe droog je chips uiteindelijk zijn geworden
*) ik kies voor het ophangen van de appelchips. Neerleggen op een bakplaat met bakpapier kán natuurlijk ook, maar het neemt meer ruimte in en het duurt langer voordat de appelchips gedroogd zijn.

Variatie

De pure smaak van de appelchips vind ik al helemaal geweldig! De friszure-zoete smaak wordt door het droogproces natuurlijk alleen nog maar geconcentreerder. Wil je variatie?
  • Strooi wat kaneelpoeder over de appelschijfjes
  • Of wat dacht je van anijspoeder? Go crazy!
De appelchips zijn heerlijk; zo uit het vuistje, maar ook leuk om je smoothiebowl, een (appel)taart of dessert ermee te decoreren. Enne… de week erop de verwarming een graadje lager om te compenseren voor het energieverbuik hè… – lol (of niet lol – dat is de vraag).

Houdbaarheid

Als de appelschijfjes zijn afgekoeld zijn ze heerlijk knapperig. Eenmaal in de (weck)pot bewaard worden ze juist lekker gooey. De appelchips zijn sowieso een paar weken houdbaar mits goed gedroogd. Bewaar in een goed afgesloten (weck)pot op een koele plaats, maar niet in de koelkast.

PS: wil je meer appelinspiratie? Lees dan hier meer over een makkelijk warm appeltussendoortje uit de oven, of maak gefermenteerde appels. En appelcompote maken? Doen!

Makkelijke en snelle appelcompote

Makkelijke en snelle appelcompote
Een van de makkelijkste conserveerklusjes vind ik het maken van appelcompote. Heel makkelijk en snel gepiept. En het is ook zo dankbaar werk: een paar potten in de kelder die je superlang kunt bewaren zodat je er ná het hele appelseizoen nog van kunt nagenieten. Waarom ik dit zo’n makkelijk klusje vind? Omdat je er bijna niets voor hoeft te doen! Ik schil de appels niet, ik pureer ze niet en ik zoet ze niet. Ik kook ze kort en schep ze over in gesteriliseerde potten. That’s it! Nou ja, even in stukjes hakken, dat wel. Maar daar is eigenlijk alles ook wel mee gezegd.
Ik maak ook wel eens appelcompote van appels die nét even te lang op de fruitschaal hebben gelegen. Net even te taai geworden voor normale consumptie. Of maak er dit appeltussendoortje mee; ook heerlijk.
Anyway, appelcompote maken dus. Ik snap niet dat mensen de appels schillen, bijzoeten met suiker of ze pureren; ik hou van de eerlijke pure smaak en van de structuur van de stukjes appel mét schil. Nog niet eerder geprobeerd? Doen!
In onze kelder heb ik een krat met allerlei formaten glazen potten. Omdat ik de enige ben die appelmoes eet, gebruik ik kleine potjes. Dit potje kreeg ik van mijn zus: iedereen helpt mee met het verzamelen van glazen potjes! Snel een label eraan en hups, naar de kelder.

Wat heb je nodig

  • Appels
  • Gesteriliseerde glazen potten inclusief deksel zonder etiket of lijmresten
  • Gesteriliseerde kooktang en lepel/glazen maatbeter met schenktuit

Aan de slag

  • Boen de appels goed schoon, snij ze in kwarten, ontdoe de appels van hun klokhuis en hak in kleine stukjes*
  • Doe de appelstukjes in een pan met een heel klein laagje water met het deksel erop
  • Zodra de appels koken, zet het vuur op een laag pitje en laat gaar of beetgaar koken – net wat je lekker vindt. Roer regelmatig voorzichtig door de pan en check of er voldoende water in de pan blijft om aanbranden te voorkomen
  • Steriliseer de glazen potten en deksels (hoef je niet nieuw te kopen: gewoon opsparen of aan je omgeving vragen!) in een pan met kokend water en een klein beetje soda gedurende 5-10 minuten. Hevel de potten daarna met een kooktang over in een pan met kokend water gedurende 5-10 minuten
  • Schep of giet de appelcompote in de zo heet mogelijke glazen potten, zorg ervoor dat de randjes schoon blijven. In geval van een nauwe opening biedt een glazen maatbeker met schenktuit uitkomst. Zorg dat je de pot opvult tot 1 centimeter van de rand
  • Draai direct de dop erop en zet de pot op de kop: met de dop aan de onderkant dus
  • De potten kan je omdraaien nadat je een plop hoort en/of de inhoud volledig is afgekoeld; de potten zijn vacuüm gezogen!
*) Het formaat appelstukjes hangt af van je voorkeur. Bij mij zijn ze redelijk groot; vind ik lekker, het werkt snel en het kookt toch wel zacht.

Labelen van je voorraad

Label de potten: noteer de inhoud en datum en eventuele bijzonderheden (ik heb bijvoorbeeld twee soorten appelcompote, omdat we twee soorten appelbomen hebben.). Tip: gebruik geen sticker zodat je de pot daarna weer kunt gebruiken en je geen etiketresten hoeft te verwijderen. Ik gebruik altijd een stukje stevig papier en een touwtje.

Suiker om te conserveren? Nee hoor!

De meesten van ons denken dat bij het inmaken van fruit we moeten werken met (gelei)suiker. Het is écht niet nodig om suiker toe te voegen. Niet voor de smaak en niet voor het conserveren. Als je zorgt dat je weinig water gebruikt: echt alleen maar een laagje om de eerste zet te geven – daarna komt er genoeg vocht uit de appels – dan heb je een heerlijke diepe zoete smaak. De smaak hangt natuurlijk ook wel een beetje af van je appel. Ik ben daarom bijvoorbeeld geen fan van golden delicious. Die vind ik veel te vlak van smaak.
Ik ben enkele jaren geleden gaan experimenteren met inmaken zonder suiker. De angst om suikervrij in te maken bleek ongegrond. Zelfs met bramen heb ik hier geen last van. Na het openen van een pot of fles kan ik bepalen wat ik eventueel verder aan de compote toevoeg. Is de sap te dun en wil ik een saus (in geval van bramensaus bijvoorbeeld)? Geleisuiker komt er bij mij niet meer in! Voor koude bereiding voeg ik eenvoudig wat Johannes Broodpitmeel toe of chiazaad. En bij verhitting agar agar of zelfs gewoon arrowroot of maizena.
Heb ik meer zoet nodig voor het recept waarin ik de appelcompote verwerk: dan pureer ik wat banaan, gedroogde abrikoos of dadel of ik voeg wat stevia, kaneel, steranijs of vanillepoeder toe. Suiker hoeft dus echt niet.
En dan de structuur van compote… Ik ben er dol op! Heb je gezinsleden die meer van appelmoes houden en/of de schil niet kunnen appreciëren? Dan kan je altijd nog de staafmixer tevoorschijn halen. Zoals je merkt maak ik fruit dus in zonder er verder iets mee te doen. En op het moment van openen en verder bereiden kan ik er alle kanten mee op.

De houdbaarheid

Als je hygiënisch werkt, blijft je ingemaakte fruit zeker wel een jaar goed. Ik heb wel eens bramensaus (zonder suiker!) van drie jaar oud in de kelder gevonden en die was nog heerlijk! Na openen is de appelcompote in de koelkast nog ca. drie dagen houdbaar. Maar dat red je waarschijnlijk toch niet…
Ik heb in alle jaren waarin ik appelcompote maak één keer een misser gehad. Ik had toen geen geduld om de glazen potten goed te steriliseren en had ze alleen even snel ondergedompeld. Een van de potten uit die batch was niet meer goed. En dat merk je snel genoeg. Na het openen stroomde de compote eruit, zonder dat we er iets aan deden! Hygiëne is dus van belang.
Wat ook van belang is dat de deksels onbeschadigd zijn: geen deukjes, geen krassen aan de binnenkant.

De award voor het makkelijkste inmaakklusje!

Meer dan appels en potten heb je dus niet nodig; makkelijk toch? Heel veel succes met het maken van je appelcompote! Appeltje eitje.
PS: wil je nog meer appelinspiratie? Lees dan hier meer over het fermenteren van appels. Of wat dacht je van deze amuse met gefermenteerde appel, hazelnoten en knolselderij?

Amuse van gefermenteerde appel, knolselderij en hazelnoot 

Amuse van gefermenteerde appel, knolselderij en hazelnoot 
Wat is dit een leuke combi voor een vegan amuse! Appel, knolselderij, rucola en hazelnoot. Ik wilde dit jaar wat anders doen met mijn appeloogst. Vers verwerken is altijd fijn en conserveren in de vorm van appelcompote ook. Maar ons tweede appelboomje geeft namelijk best wat opbrengst, dus voldoende voorraad om mee te experimenteren! Een aantal appels ben ik daarom gaan fermenteren. Hoe ik dat deed? Heel makkelijk! Lees hier de uitleg.
.
Maar dan is het natuurlijk ook leuk om er een gerechtje mee te maken. Hoewel: iedere dag een schijfje uit het vuistje is ook lekker. En supergezond voor je darmflora dankzij al die probiotica. En dan komt voor mij het leuke onderdeel: nadenken over wat ik er mee zou kunnen. Ik zag laatst een paar hazelnotenbomen naast een winkel staan. De meeste mensen liepen voorbij aan deze weldaad, maar ik ben toch maar even een paar minuten gaan rapen. De stoep lag er vol mee, wat een heerlijkheid zeg. Die wilde ik dus sowieso gaan inzetten. Geroosterd; zo lekker! De keuze voor rucola voor deze amuse was snel gemaakt. Rucola is met en zonder moestuin heel makkelijk te verbouwen. Met slechts een heel klein stukje kan je tot diep in de herfst blijven oogsten. En de subtiele nootachtige smaak leek me een mooie aanvulling op het zure prikkeltje van de gefermenteerde appelschijfjes. In mijn hele denkprocues wilde ik dit gaan combineren met vegan blauwaderkaas. Maar helaas: dat moest ik dan eerst zelf gaan maken want in onze wijde omgeving bleek dit niet te koop. En daarbij ontdekte ik met een ‘normale’ blauwaderkaas dat het botste in de mond. Dus die optie was snel afgeschreven. Maar toen herinnerde ik me dat ik nog een kliekje knolselderij in de koelkast had staan. Ik kon het bijna proeven: het zoete van deze knol erbij zou misschien wel eens heel leuk kunnen zijn. De knolselderij: niet iedereen vindt het een makkelijke groente om te telen, maar gelukkig biedt de groenteboer uitkomst in dat geval. Je hebt voor dit recept overigens maar een klein deel van de knol nodig. Geen nood! Maak het overgebleven deel van de knol dit recept voor een overheerlijke knolselderijsteak; die is echt genieten, al zeg ik het zelf!
.
En zo kwam ik na een aantal testrondes uiteindelijk op dit recept uit. Zo’n ontdekkingsreis is leuk en ook best spannend. Spannend ook om het uiteindelijk te delen! Het voelt toch een beetje als een kind of als een kunstwerkje of als een nieuw liedje dat voor het eerst het licht ziet; een beetje kwetsbaar… Het leuke is dus dat je bijna alles uit je moestuin kunt halen, of die van vrienden haha. Of fiets even langs de bioboerderijwinkel. Allemaal eerlijke pure ingrediënten voor een zinnenprikkelende amuse.
Let op: je moet enkele dagen voor het maken van deze amuse al aan de slag met het fermenteren van de appelschijfjes. Een heel makkelijk klusje en weer eens een andere bereiding van de appel.
.

Wat heb je nodig

voor 6 personen
  • ca. 15 gefermenteerde appelschijfjes
  • 125 gram knolselderij (maak van de overgebleven knolselderij deze heerlijke steaks!)
  • 2 laurierblaadjes
  • hand hazelnoten
  • hand rucola en een paar kleine blaadjes voor de garnering
  • snuf himalayazout
  • snuf peper

Keukengerei

6 kleine borrelglaasjes
Staafmixer

Aan de slag

  • Rooster de hazelnoten in een koekenpan; schud regelmatig en laat afkoelen
  • Schil de buitenkant van de knolselderij en snij de knol in blokjes
  • Zet de blokjes in een klein laagje water met de laurierblaadjes op en kook in ca. 20 minuten gaar
  • Giet de knolselderijblokjes af, verwijder de laurierblaadjes, pureer met de staafmixer en laat afkoelen
  • Snij kleine dobbelsteentjes van de appelschijfjes
  • Sla met de onderkant van een pan de hazelnoten plat tot kleine stukjes (niet te fijn!)
  • Hak de rucola fijn en meng samen met een goeie snuf zout en peper door de knolselderijpuree
  • Schep in ieder borrelglaasje een theelepel knolselderijpuree, 2 theelepels appelblokjes
  • Decoreer met enkele kleine blaadjes rucola en strooi tot slot de gehakte hazelnoten er overheen
    Tip: maak een testversie en proef om te kijken of je de balans goed vindt! De zoete puree heeft flink wat zuur van de appel nodig
Je kunt dit amusegerecht ook van tevoren maken. Bewaar de appels en knolselderij koel en bewaar de hazelnoten in een afgesloten bakje buiten de koelkast.

Gefermenteerde appelschijfjes

Gefermenteerde appelschijfjes

Fermenteren is hip! Mede door pionier Christian Weij is Nederland enthousiast geworden over deze mooie conserveertechniek. Het helpt in duurzaam leven: je kunt je groente en fruit langer behouden door ze te fermenteren. En daarnaast  bevat gefermenteerd voedsel en drinken probiotica. En dat vinden onze darmen heel erg fijn!

Omdat we dit jaar nogal een flinke appelopbrengst hebben besloot ik om een klein deel van de appeloogst te gaan fermenteren. Neeee geen appelcider (wil ik nog wel gaan maken!) maar ‘gewoon’ gefermenteerde appelschijfjes. Wat je daarmee kunt doen? Eet regelmatig een schijfje om je darmen en je smaakpapillen een plezier te doen. Daarnaast kan je de gefermenteerde appel bijvoorbeeld in je salade verwerken. Een zuurtje in salade is altijd fijn!

Wat heb je nodig

voor één grote pot appelschijfjes

  • 2 of 3 stevige appels (afhankelijk van de grootte)
  • 4 eetlepels citroensap
  • 1 theelepel keltisch zeezout
  • 1 probioticacapsule (ik gebruikte een protbioticacapsule van Vitiv)
  • 400 ml water
  • 1 kaneelstokje en 1 steranijs OF 3-5 laurierblaadjes (lees onderaan meer smaakvariatietips)

Keukengerei

  • Een glazen pot inclusief deksel met een inhoud van 800 ml of een weckpot ongeveer dezelfde inhoud
  • Glazen plat en rond voorwerp om drijvende appels onder het pekelwater te houden. Ik gebruikte een glazen deksel van een weckpotje.
  • Een glazen coaster of iets van steen is ook een goede optie.
  • In het boek “Verrot Lekker” van Christian Weij lees je dat een boterhamzakje gevuld met water ook een ‘deksel’ kan vormen. Ik probeer zoveel mogelijk plastic te vermijden, maar dit is dus ook een optie als je niets anders hebt!

Aan de slag

  • Meng het water met de citroensap en het keltisch zeezout
  • Open de capsule met probiotica en voeg het poeder toe aan het pekelwater, meng goed
  • Boen de schil van de appels schoon
  • Schil de appels niet, snij de appels in kwarten, verwijder het klokhuis en snij de kwarten in 3 of 4 plakjes
  • Vul de pot tot ongeveer 5 centimeter van de bovenrand met de appelschijfjes
  • Giet het pekelwater eroverheen en zorg dat de appels onderstaan. Te weinig water? Vul aan totdat de appelschijfjes net onder water staan
  • Plaats het glazen dekseltje op het mengsel en zorg dat alles onder water staat
  • Draai het deksel op de pot en zet de pot op een plek met kamertemperatuur en vermijd zonlicht
  • Na 4 of 5 dagen is je appel voldoende gefermenteerd. Wil je een intensere smaak? Laat dan nog 1 of 2 dagen verder fermenteren. Let op: te lang fermenteren resulteert in appelmoes 🙂
  • Je kunt de gefermenteerde appels twee maanden in de koelkast bewaren. Het beste is dan om het pekelwater weg te gieten. Als je de appels in het pekelwater bewaart in de koelkast zal het fermentatieproces zal door de lage temperatuur vertraagd worden, maar de appels zullen wel steeds zachter worden.

Variëren met smaken

Je kunt natuurlijk alle kanten op met het toevoegen van smaken. Je kunt in plaats van de laurierblaadjes of de kaneel en steranijs ook tijm toevoegen. Of oregano, munt of citroenmelisse. Roomse kervel, rozemarijn, noem maar op! Geef je zintuigen en je fantasie de ruimte!

Voeg de appels toe aan je ontbijt, je salade, eet lekker uit het vuistje  of maak een raw apple crumble.

Gefermenteerde appelschijfjes: een feestje voor je darmen. Eet smakelijk!

like

Zorg er met 1 klik voor dat je geen nieuwe ontwikkelingen mist